15jul, 20
billijke vergoeding

In deze uitspraak van Rechtbank Limburg van 23 juni 2020 staat de vraag centraal of een werknemer recht heeft op volledige doorbetaling van loon tijdens thuisquarantaine vanwege een huisgenoot met corona verschijnselen.

Feiten en omstandigheden

Werknemer is sedert 1 januari 2019 in dienst bij werkgever op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Deze eindigt van rechtswege op 30 april 2020. Op 27 februari 2020 heeft werkgever aan werknemer te kennen gegeven dat de arbeidsovereenkomst niet wordt verlengd.

Op 16 maart bericht werknemer via Whatsapp aan werkgever dat hij en zijn partner in aanraking zijn geweest met iemand die mogelijk besmet is met corona. Werknemer laat het aan werkgever om te bepalen of hij wel of niet op de werklocatie moet werken. Werkgever reageert hierop met het bericht dat werknemer zich kan ziekmelden en thuis kan blijven. Werknemer benadrukt bij email van 29 maart benadrukt dat hij zelf niet ziek is en thuis werkzaamheden verricht. Enige tijd later heeft werknemer zijn werkzaamheden op locatie hervat. Als hij vervolgens verlof aanvraagt voor 26 en 27 maart, wordt dat verlof afgewezen. Hij wordt deze dagen op locatie van de werkgever verwacht voor werkzaamheden.

In de ochtend van 26 maart 2020 deelt werknemer aan werkgever mee dat hij onderweg naar zijn werk van zijn partner bericht krijgt dat zij verschijnselen van het coronavirus heeft waaronder koorts en hij huiswaarts zal keren en conform de RIVM-richtlijnen niet naar de werklocatie zal komen. Hij heeft zich bereid en beschikbaar gehouden om zijn werkzaamheden vanuit huis te verrichten.

Werkgever gelooft het verhaal van werknemer niet. Het is erg toevallig dat zijn partner op 26 maart ineens koorts krijgt. Bovendien is het werkgever gebleken dat werknemer tijdens de quarantaine wel naar de bouwmarkt is geweest. Werkgever is van mening dat werknemer geen gehoor heeft gegeven aan het verzoek van werkgever om zijn werkzaamheden op locatie te komen verrichten. Werkgever heeft twee wachtdagen op het loon van werknemer ingehouden en heeft 70% van het loon van maart 2020 betaald en 50% van het loon van april 2020. Verder heeft werkgever verlofdagen ingehouden over de periode dat werknemer thuis in quarantaine heeft gezeten.

Vordering werknemer

Werknemers is het met al deze kortingen door werkgever niet eens. Hij vordert in kort geding onder meer volledige betaling van het achterstallig loon over de maanden maart en april 2020.

Geschil en beoordeling

Bij quarantaine is (nog) geen sprake van een zieke werknemer, maar van een werknemer die gehoor moet geven aan een opgelegde voorzorgsmaatregel van de overheid. Wanneer een huisgenoot koorts heeft, moeten de andere gezinsleden in thuisquarantaine blijven tenzij ze werkzaam zijn in een cruciaal beroep of vitaal proces. Indien een werknemer in contact is geweest met een persoon die mogelijk besmet is met het coronavirus of een zieke huisgenoot heeft en van overheidswege in quarantaine moet en niet thuis kan werken omdat dit in zijn/haar beroep onmogelijk is, is dat een omstandigheid die niet in de risicosfeer van werknemer ligt, maar in die van de werkgever. De werkgever is in dat geval verplicht het loon door te betalen (tenzij partijen dit voor de eerste zes maanden van de arbeidsovereenkomst hebben uitgesloten). Omdat in deze situatie geen sprake is van ziekte, mag de werkgever geen wachtdagen op het loon inhouden en moet de werkgever het volledige loon doorbetalen. De gevorderde wettelijke verhoging is – tot het maximum van 50% – toegewezen omdat geen gronden zijn aangevoerd die tot matiging nopen.

De rechter is van mening dat het werknemer – die klachtenvrij was – was toegestaan (naar eigen zeggen in verband met een lekkage in zijn woning) een bouwgerelateerde winkel (bouwmarkt) tijdens de periode van quarantaine te bezoeken. Bij gezinsquarantaine mag het gezinslid dat geen klachten heeft boodschappen doen. De rechter hecht verder veel waarde aan het feit dat werknemer zich steeds bereid en beschikbaar heeft gehouden voor het verrichten van werkzaamheden vanuit huis.

De rechter meent dat werkgever onvoldoende heeft gemotiveerd waarom zij het verhaal van werknemer niet gelooft.

Ongeloofwaardig verhaal; welke acties had wergever o.a. kunnen nemen?

  • Voor zover er sprake is van een zogenoemd cruciaal beroep werknemer duidelijk mededelen dat ook al zou de partner van werknemer koorts hebben gehad, werknemer, die klachtenvrij was, moet komen werken omdat de werkzaamheden van werkgever tot de zogenoemde cruciale beroepen behoren.
  • Werknemer kunnen vragen om een verklaring van (de huisarts van) de betreffende personen (vriendin en partner) over te leggen.

Conclusie

Wilt u weten hoe u onder de corona omstandigheden het beste kunt handelen in een dergelijke situatie en waar u op moet letten? Neem dan contact op met VANDIJK advocaten.

Juli 2020

msvandijk@vandijkadvocaten.nl

Meer informatie? Neem contact met ons op!