6sep, 17
telefoon beleid

In een kwestie die recent werd voorgelegd aan de Rechtbank Amsterdam was de vraag aan de orde of de arbeidsovereenkomst van een (niet handsfree) telefonerende bestuurder van een metro – ondanks het (nagenoeg) zero tolerance beleid hieromtrent – mocht worden ontbonden.

Beleid werkgever

Het beleid van de werkgever schrijft voor dat de telefoon van de werknemers van dit Amsterdamse personenvervoersbedrijf dient uit te staan en dient te worden opgeborgen in de tas. Niet alleen is deze gedragsregel vastgelegd in het beleid van de werkgever, hieromtrent zijn ook meerdere campagnes gevoerd met leuzen als ‘telefoon tijdens de dienst uit en in je tas’ en ‘telefoon en verkeer gaan niet samen’. Ook de consequenties van het overtreden van deze gedragsregel zijn meermaals gecommuniceerd naar de medewerkers van dit bedrijf. Sanctionering op het overtreden van deze regel hield in dat er een schriftelijke, laatste waarschuwing zou volgen.

Werknemer overtreedt beleid

Op 22 maart 2017 was voornoemde bestuurder werkzaam op een metrolijn in Amsterdam en is hij door een medewerker van zijn werkgever gespot met een mobiele telefoon in zijn linkerhand. Hiermee heeft deze medewerker de bestuurder geconfronteerd, met de vermelding dat deze medewerker dit gedrag ook zou melden bij de unit manager. Bovendien is ten tijde van het telefoongesprek een filmpje gemaakt van de bestuurder door voornoemde medewerker. Nadat de werkgever de bestuurder hiermee heeft geconfronteerd, heeft de werknemer over dit voorval gelogen.

Gerechtelijke procedure

De werkgever stelt zich dan op het standpunt dat het handelen van voornoemde bestuurder ernstig verwijtbaar is, in die zin dat de werkgever geen vertrouwen meer heeft in deze bestuurder.

Volgens de kantonrechter is vast komen te staan dat de bestuurder zijn mobiele telefoon daadwerkelijk vast had in zijn linkerhand. Verder overweegt de kantonrechter dat de sanctie voor overtreding van voornoemde regel, als passend moet worden gezien. Hierover merkt de kantonrechter ook op dat het gebruik van een mobiele telefoon tijdens het rijden met zich mee mag brengen dat het dienstverband niet behoeft te worden gecontinueerd.

Echter, in deze kwestie bleek dat voornoemde bestuurder niet eerder is gewaarschuwd voor het voorhanden hebben van een mobiele telefoon tijdens het besturen van een metro. En hoewel deze werknemer reeds eerder was gewaarschuwd in verband met het overtreden van andere gedragsregels, zoals kledingvoorschriften, regels met betrekking tot ziekteverzuim en in verband met te laat op zijn werk verschijnen, merkt de kantonrechter hierover op dat dat deze bestuurder zich bepaald geen modelwerknemer betoont en dat hij zich er steeds meer rekenschap van zal moeten geven dat de gedragsregels ook voor hem gelden en dat het zich niet houden aan deze regels met zich kan brengen dat hij ongeschikt wordt voor zijn functie.

Ook ten aanzien van het liegen door deze bestuurder, merkt de rechter op dat onvoldoende is vast komen te staan dat deze bestuurder dermate onbetrouwbaar is en/of verwijtbaar heeft opgetreden dat voorzetting van het dienstverband niet meer van de werkgever kan worden gevergd. De kantonrechter komt tot de slotsom dat het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen.

VANDIJK advocaten - Jacintha Devilee

mr. J.A. Jacintha Devilee

 

Meer informatie? Neem contact met ons op!