9mei, 16
VANDIJK advocaten - Exploitatieverplichting huurovereenkomst winkelruimte overruled door redelijkheid en billijkheid.

Tussen huurder en verhuurder is een huurovereenkomst tot stand gekomen met betrekking tot een winkelruimte. In de huurovereenkomst is de verplichting opgenomen dat de huurder het bedrijf in het gehuurde voor het publiek geopend houdt gedurende de tijden en de dagen die door de verhuurder zijn vastgesteld binnen de plaatselijk vastgestelde openingstijden. Verder wordt in de huurovereenkomst bepaald dat de huurder verplicht is om het gehuurde, geheel volgens de bestemming daarvan, ingericht en voor het publiek geopend te hebben ten tijde van de collectieve opening van het winkelcentrum voor het publiek. Op een gegeven moment heeft de huurder de winkel gesloten en de exploitatie stopgezet. Dit is in strijd met de exploitatieverplichting die de huurder heeft op grond van de huurovereenkomst. De verhuurder vordert in kort geding bij de kantonrechter te Rotterdam (ECLI:NL:RBROT:2016:1256) dat de huurder de exploitatie voortzet conform de huurovereenkomst, mede om precedentwerking onder andere huurders te voorkomen. De huurder voert aan dat het exploiteren van de winkel verliesgevend is. Deze situatie is mede ontstaan naar aanleiding van leegloop in het winkelcentrum, waar toonaangevende winkels het winkelgebied verlaten en de lege plekken worden opgevuld met outletstores. De kantonrechter oordeelde dat, hoewel een huurder in beginsel zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst dient na te komen is het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar om de huurder aan deze exploitatieverplichting te houden.

Meer informatie? Neem contact met ons op!